Hello! Zaterdagmiddag, 17:00 uur lokale tijd. Enigszins
bewolkt buiten maar nog steeds wel zo’n 20 graden. Inmiddels ben ik hier, in
mijn eigen bungalowtje in the middle of nowhere, bijna een week en is dit ‘al’
mijn 2e bericht vanaf mijn nieuwe (tijdelijke! Don’t worry Martijn….)
thuisbasis. Nog meer extreem relevante cijfers: ik heb al 2 boeken gelezen, 2x
hardgelopen, 2x boodschappen gedaan, ben al 2x verbrand, heb een bankrekening
geopend en een lokale telefoon gescoord (tot zover nog niets nieuws) een
bloemenveiling op een veel te vroeg tijdstip (daarover later meer), een Noodle
Night festival avondje in het park dat net even iets anders liep dan gepland
(ook hierover later meer) en een avondje paardenraces (u raadt het al…) meegemaakt. Oh, en nog geen dag gewerkt. Is dat veel, voor één week? Weinig? Genoeg….? En wat nou als je je bedenkt dat ik sowieso
nog 15 weken vanaf deze thuisbasis zal opereren? En ik nog geen eigen vervoer
heb los van de benenwagen die me in een half uur tijd nog niet eens naar een
andere straat kan brengen…? Ik maak me daar drukker om dan ik zou willen. Wat echt
een ongelooflijk stom luxeprobleem is, maar toch. Nu ik heb ontdekt dat ik met
m’n laptop stiekem ook in m’n bungalowtje kan profiteren van het wifi-netwerk
van de buren (en dus niet meer met m’n telefoon omhooggestoken onder hun
slaapkamerraam hoef te staan voor een beetje bereik, wat er overigens vies sneu
uit moet hebben gezien) ben ik bijzonder veel online. Nu is dat voor mij niet
zo heel bijzonder, dat deed/doe ik thuis immers ook, maar één van de gedachtes
achter dit avontuur was dat ik daar wat van zou afkicken. Bijkomende
verschijnsel van dat vele online zijn is dat de afstand met thuis ineens zo
klein lijkt… totdat je met het tijdverschil wordt geconfronteerd dan. Heel
fijn, en ook heel belangrijk voor mij maar één van de dingen die ‘men’
logischerwijs vaak (en als eerste vraagt) gaat over wat ik heb gedaan of ga
doen, en dan ga ik dus twijfelen of ik wel genoeg doe. Echt superstom.
En nu ga ik vertellen over AL die dingen die ik heb gedaan
en ga doen. *steekt tong uit*
Om te beginnen was daar woensdagavond een onverwacht tripje
naar Christchurch, the Night Noodle Markets. Men neme een park, zet daar veel
eettentjes in en je hebt een feestje. Je kent het wel. Daar wilden de locals
heen en ik mocht mee. Het gebeuren was die dag om 4 uur voor het eerst ooit geopend
en mijn gezelschap had bedacht dat het verstandig was om er rond 5 uur ’s
middags te zijn. Dat idee hadden meerdere mensen (goh) want na een intense file
die kant op waarin ik lekker veel van Christchurch heb kunnen zien (heeeeeej,
rugbystadion!) konden we ook op het terrein zelf achteraan de rij aansluiten. En
dat was men niet van plan. Want hongerige 6-jarige in het gezelschap en een
algemene aversie tegen rijen. (queue, één van mijn favoriete Engelse woorden). Dus
toen zijn we maar weer vertrokken, op zoek naar een lokaal Thais restaurant. En
ook dat idee hadden meerdere mensen. Dus op zoek naar NOG een andere lokale
Thai. En ik hou niet eens van Thais eten. Ondanks dat heb ik me prima vermaakt
en toen ik om half 9 alsnog een bak stomende noodles (als enige, de rest had
gekozen voor rijst, wat ik echt een onmogelijke keuze vind voor NOODLE night) voorgeschoteld
kreeg heb ik die smakelijk zitten oppeuzelen. Einde.
Tijdens de autorit terug naar huis wat informatie verzameld
over het herkennen van al dan niet giftige spinnen. Er schijnen hier twee
soorten te zijn die niet veel goeds met je voor hebben. Iets met een witte
staart (WTF!? Een spin met een STAART!?) en iets met een rode kont. Je snapt
dat ik vanaf dit moment alle spinnen in en om mijn stekkie (en dat zijn er
nogal wat…) intens bestudeer op die kenmerken voordat ik ze alsnog allemaal,
voor de zekerheid, hartstikke KAPOT maak. I ain’t taking any risks. Ik heb
inmiddels al een aardig spinnenkerkhofje verzameld en probeer nu (wanneer
niemand kijkt) de hond van de buren zo ver te krijgen dat hij ze opvreet.
Right, nou, dat was de woensdag. Donderdag was minstens zo
spectaculair. Toen heb ik bijna de hele dag
op m’n baas zitten wachten om mijn werkcontract door te nemen. Het tijdstip
waarop dat zou gaan gebeuren was al een tijdje vaag maar werd die dag via
WhatsApp ook nog eens zo’n twee keer tot een niet-specifiek later tijdstip
verschoven. Joh, prima. Ik kan toch nog geen kant op hier. Uurtje of 5 stond ze
voor de deur en voordat ze überhaupt binnen was had ze de afstandsbediening van
mijn airco al te pakken en heeft ze er met drie drukken op een knop voor
gezorgd dat ik vanaf dat moment hier in de vrieskou zit. En wie mij ook maar
enigszins kent weet; ik hou niet van kou. Wat ik ook probeer, ik krijg die
hoerenmachine niet op een acceptabele stand.
Anyways, werkzaken dan. M. (laat ik voor de zekerheid maar
initialen gaan gebruiken, jeweetmaarnooit) is een soort wervelwind, praat
ver-schrik-ke-lijk snel en wisselt binnen 30 seconden moeiteloos vier totaal
verschillende gespreksonderwerpen met elkaar af. Ik versta en begrijp haar niet
zo goed. Daar komt nog eens bij dat haar ‘werkcultuur’ mijlenver af staat van
de mijne en dan gaat het mis. Het pak papier dat voor een contract en
bijbehorende formulieren door moet gaan is zo’n 3 centimeter dik. In het kort
komt het erop neer dat ik helemaal vrij ben om te bepalen wanneer ik werk en
hoeveel ik werk. Enige wat ik moet doorgeven is hoeveel uur ik per week zou
willen werken en of ik een zaterdag OF een zondag werk (één van de twee is
verplicht). En ohja, er wordt wekelijks NZD 250,- van mijn loon afgehaald voor
huur + stroom. Euuuhhh… oke. Op mijn
vraag op welk tijdstip mensen normaal gesproken hun werkdag beginnen en hoeveel uur men dagelijks werkt kreeg ik een verwarde blik terug. Dat bepaalt
iedereen zelf. Euh? Maar hoe weet je dan of je die dag/dat tijdstip genoeg
mensen hebt om de klus te klaren? Of niet te veel? Oh, nou, er is altijd wel
wat te doen, zei ze. Jeeeezzzzzzzz… wat een wereld. Dat is wel even anders dan
ik de afgelopen jaren in het onderwijs heb meegemaakt. Toen leefde ik van
lesuur tot lesuur, van pauze tot pauze enz. en ook al heb ik dikwijls flink
gefoeterd op die cultuur, ik weet ook dat ik die structuur stiekem wel heel erg
gewend ben en nodig heb, in Het Leeeeeven. Dat wordt dus flink omschakelen… en
ik zeg ‘wordt’ want vooralsnog kan ik nog helemaal niet aan het werk. Ik heb
namelijk eerst een I.R.D. number nodig, een soort BSN maar dan voor Kiwi’s.
En om zo’n nummer te kunnen krijgen moet ik aan een aantal
zaken voldoen, een formulier invullen en een aantal bewijsmaterialen
aanleveren. Om te beginnen moet ik een Nieuw-Zeelandse bankrekening hebben, HA!
DIE HEB IK! Daarnaast moet ik een kopie van een identiteitsbewijs met foto
aanleveren (heb ik, digitaal…), een bewijs van mijn meest recente adres, bewijs
van mijn BSN uit het belastinggebied waar ik het meest recentelijk gewoond heb,
bewijs van mijn voorgenomen (werk)activiteiten in NZ en… nu komt het mooiste:
bewijs dat mijn nieuwe bank anti-witwaspraktijken-checks heeft uitgevoerd. Godnondeju,
wat een gedoe. Om dat laatste te kunnen bewijzen moet ik terug naar de bank
(hier 22km vandaan) om een formulier in te laten vullen waarin zij bevestigen
dat ik volgens hen geen snode plannen heb met mijn bankrekening. Als ik al die
shizzle verzameld heb moet ik het opsturen naar een kantoortje in Wellington en
kan ik als het meezit binnen 10 werkdagen (!!!) een I.R.D. nummer in de
brievenbus verwachten. Oi, oi, oi. Toen me dat eenmaal duidelijk was zakte me
de moed even flink in de schoenen. Ik wil gewoon aan het werk, doe niet zo
moeilijk. To be continued dus.
Om mijn dag niet helemaal te laten vergallen heb ik mezelf ’s
avonds de deur uitgesleept en 5 km langs de weg (maar nu de andere kant op)
gerend…
waarbij ik overigens op moet merken dat dat een heel andere
aangelegenheid is dan thuis. Zo doen ze hier aan minimalistische belijning,
alleen een streep in het midden van de weg. En fietspaden zijn minstens zo
zeldzaam als Kiwi’s (de vogel dan, het fruit heb ik genoeg zien liggen in de
supermarkten…). Het asfalt gaat geleidelijk over in berm en die berm is soms
luttele centimeters breed voor je een hek/stroompaal/verkeersbord etc treft en
soms een paar meter. Op sommige stukken is het gras gemaaid, op andere stukken woekert
het er al een paar weken flink op los. Ik ren standaard aan de ‘verkeerde’ kant
van de weg zodat ik te maken heb met tegemoetkomend verkeer en dat is maar goed
ook want SODEKNETTER!!! Kiwi’s kunnen echt NIET rijden! Ik heb al een paar keer
een snoekduik de bosjes in moeten maken omdat automobilisten mij echt niet
hadden gezien. De locals hier vervloeken zelf vooral Aziaten en Fietsers maar
ik heb genoeg lokaal verkeer gezien om voorlopig nog even niet achter een stuur
te kruipen. Daar komt nog eens bij dat ze het hier fantastisch vinden om,
wanneer ik meerijd, alle plekken aan te wijzen waar recentelijk iemand dood- of
in coma is gereden. En dat zijn er nogal wat. Top. Su-per bedankt voor deze
info. Om mezelf toch een klein beetje voor te bereiden (want, ik wil echt niet
de komende 4 maanden afhankelijk zijn van chauffeurs) heb ik even een digitaalrijtestje gedaan om m’n skills te checken en ondanks dat ik daar moeiteloos
doorheen kwam heb ik mezelf voorgenomen om eerst maar eens een stuk te fietsen
(met helmpie) voordat ik in een auto stap. Zoals het nu lijkt kan ik trouwens
eind volgende week over een eigen auto beschikken, dan is de Valentijnsdrukte
hier voorbij en heeft buurman I. tijd om zijn barrel voor mij te fixen.
Goed, vrijdag dan, ik zal het kort houden. ’s Ochtends om 5
uur opgestaan om met Oma mee naar de flowermarket te gaan. Toen ze me
uitnodigde had ik geen idee dat het om een veiling zou gaan (want als ik dat
had geweten…) en dat ik daarbij zo’n 40 jaar terug in de tijd zou gaan. Nu weet
ik bijzonder weinig van bloemenveilingen maar ik kan me niet voorstellen dat
zoals het er daar aan toe ging de moderne standaard is (wij Hollanderts hebben
de grootste bloemenveiling ter wereld heb ik gehoord, misschien moet ik nog ff
wat afleveringen Zwarte Tulp kijken om me wat meer in de materie te verdiepen
want vooralsnog stel ik als Dutchie Expert ernstig teleur). Drie
veilingmeesters brullen vanaf een plateautje de prijzen terwijl slaperige
studenten trolleys vol bloemen af en aan slepen. Na 3 uur observeren kon ik er
geen structuur in ontdekken maar zo’n 24 uur NA dit hele gebeuren heb ik nog
steeds een stem in m’n hoofd die TWO DOLLARS, TWO DOLLARS FOR THE SUNFLOWERS,
TWO DOLLARS, TWO DOLLARS schreeuwt. Stiekem best grappig om eens mee te maken
en vanaf een balkonnetje te observeren. Zo heb ik geleerd dat de ‘Indians’
vooral voor de afgezaagde rode rozen gaan, dat niemand oranje gerbera’s wil hebben
en dat gratis koffie in een smotsige kantine zonder ramen een slecht idee is
(bweeeeeh…).
Na de veiling met Opa in de vrachtwagen de gekochte blommen
afgeleverd bij de shop (hebben ze er twee van), boodschappen en een kop koffie
gedaan. Terug in het bungalowtje een beetje gelezen en eind van de middag het terrein
overgesjouwd naar het huis van Opa en Oma want ik mocht mee naar de
paardenraces. Onderweg hebben we E. opgepikt, een Nederlandse vrouw die al 20
jaar in Kiwi country woont en die voor mij het ultieme bewijs is van het nut
van lessen in Engelse uitspraak. Foei, wat klinkt dat lelijk. Overigens woont
E. In een ‘estate’ achter een hek dat alleen opengaat als je je digitaal meldt
met een code. In een soort park met fonteintjes en een oprijlaan van een
kilometer. Met een zwembad en tennisbaan in de tuin dus zij kan zich zo’n kut-Hollandsch
accent best veroorloven.
De paardenraces dus. De broer van Oma is mede-eigenaar van een paard dat meedeed aan Race 2 (er waren er in totaal 10) en op basis daarvan mochten we backstage een kijkje nemen in de stallen. De eerste race was net voorbij op het moment dat wij de stallen binnenliepen dus ik werd aan alle kanten ingehaald en klemgezet door zwetende jockeys (kleine mannetjes!) en stinkende paarden (grote beesten!). Not my favourite place to be, maar wederom, wel leuk om een keer meegemaakt te hebben. Ik heb het paard in kwestie een bemoedigend klopje op z’n neus gegeven maar hij heeft vast aangevoeld dat ik daar niets van meende want hij heeft niet echt hard z’n best gedaan, met z’n 5e
plek. Oma mopperen want ze had toch zeker 6 dollar op het beest ingezet. Voor
de drie volgende races heb ik de namen van de paarden intensief bestudeerd en (wie
noemt z’n paard nou ‘That Guy Finn’ of ‘Tasty delight’ en verwacht dan dat het
beest hard voor ‘m gaat rennen!?) en wonderbaarlijk genoeg de juiste winnaar
voorspeld. Vanwege mijn verslavingsgevoelige aanleg heb ik er maar geen geld op
gezet maar ik werd er wel bloedfanatiek van (JAAAAAAAAAAH, RENNEN MET JE
DONDER! GOED ZO! GOED ZO! GAAAAAAAAA! BIJT ‘M IN Z’N REET!) en mijn ‘success
rate’ heeft ervoor gezorgd dat vanaf die 3e race opa mijn advies is
gaan opvolgen en geld is gaan zetten op de paarden die ik tipte. En vanaf dat
moment heb ik natuurlijk geen enkele race meer goed voorspeld. Ik mocht
gelukkig nog wel meer terug naar huis rijden.
En nu? Nu is het zaterdagmiddag en ga ik lekker aan mijn 3e
boek beginnen. Voor vanavond heb ik chips en wijn in huis dus ik kom de dag wel
door. En morgen? Fuck knows. Zien we dan wel. Enige wat nu vast staat is dat ik
ergens in de komende weken ga beginnen met werk en 3 wedstrijden Super Rugby ga zien van the Crusaders,
thuis tegen de Chiefs, de Blues en de Kings. Samen met Oma, want die is ook
groot liefhebbert en verder heb ik heus wel plannen maar ik heb ook vooral Geen
Druk. Ha.




Ha! Eerstes! Je maakt wat mee in kiwicountry! Zeg die spinnen. Die doen je alleen wat als ze zich bedreigd voelen of ook zomaar out of the blue? Keep up the good life in je bungalow. Greetz 4 Griet alias TULLUP! Xx Jette
BeantwoordenVerwijderenHi Margriet, super leuk om je verhalen zo te volgen. Wat enorm balen dat het zoveel gedoe is om daar te mogen gaan werken, hopelijk lukt het je om het snel te regelen, zodat je lekker aan de slag kan. Fijn wel dat je tijd hebt om lekker te lezen, hopelijk lukt het je ook al om lekker te genieten! Ik blijf je volgen! Liefs, Kirsten
BeantwoordenVerwijderenHii schat,dit is poging nummer 3,via de telefoon een bericht achterlaten werkt niet zo goed... Zo te lezen maak je iedere dag wel iets mee. Dus geniet lekker van even niks doen en een boekje lezen, dat heb je wel verdiend!! Werken komt vanzelf wel weer. Dikke kus
BeantwoordenVerwijderenZo. maar eens bijgelezen, leuk hoor, blijven schrijven! Mijn ongezonde kennisdrang heeft er wel voor gezorgd dat de White-tailed spider en de Redback spider zich bijgevoegd hebben in mijn spinnen-arsenaal. Voor meer info (how to avoid and such) zie https://www.healthed.govt.nz/resource/spiders-new-zealand mocht je die nog niet gevonden hebben. Have fun!
BeantwoordenVerwijderenAh, top! Super handig! Lees alleen 'Do not consume alcohol after being bitten'. Onmogelijke opgave.
Verwijderen