zaterdag 16 april 2016

Just my Lok!

Kia Ora! Zaterdagavond, kwart voor 8. Op de achtergrond hoor ik de Blues spelen tegen de Sharks. Officeel zijn ‘we’ natuurlijk VOOR alle Kiwi teams maar de Blues komen uit Auckland en Auckland is de vijand. Dus mogen de Sharks winnen vandaag. Oooookeeeeeee… Super Rugby, daar heb ik het over, trouwens. Tevens ben ik momenteel financieel herstellende van mijn heftige Skydive-partij, moest ik om mijn extra vrije dag te compenseren deze week extra werken in de kas en omdat er sinds deze week ineens vier nieuwe gezichten rondlopen tussen de gerbera’s werd ik (als ‘ervaren werknemer’) vandaag verbannen naar buiten. Alwaar ik op m’n hurken onkruid tussen de planten weg moest pulken. Werken in de kas; iedere dag anders. /sarcasmeoff

Vanwege mijn financiële gesteldheid heb ik het avontureren deze week dicht bij huis gezocht. Zoals in het vorige bericht reeds aangekondigd heb ik maandag Castle Hill bezocht en ben ik dinsdag weer op pad geweest met wandelclub Kunstgebit. Met name deze tweede activiteit is ernstig beïnvloedt door hetgeen zich de nacht ervoor heeft voorgedaan dus me dunkt dat ik daar maar eens mee moest beginnen.

Rattengate. Het houdt niet op, niet vanzelf…
Maandagavond, vijf minuten voor middernacht. Ik lig al drie uur met wijd open ogen te luisteren naar rattengespuis. Op nog geen 10 centimeter achter mijn hoofd probeert er één een weg naar binnen te vreten. Althans, zo klinkt het. Zo’n 30 centimeter NAAST mijn hoofd probeert een ander exemplaar hetzelfde. En ik kan wel honderd keer tegen mezelf zeggen dat ze echt niet zomaar in m’n bed belanden maar daarmee krijg ik mezelf dus niet in Slaapmodus. En wat doet een uiterst gefrustreerd mensch dan? Juist, anderen lastigvallen met dit drama. M’n Baas en tevens Buurvrouw in dit geval. Via sms. Of er in GODSNAAM iets te bedenken valt om van de ratten af te komen because they’re driving me CRAZY! Direct nadat ik op ‘verzenden’ heb gedrukt moet ik denken aan al die coaching modellen die je vertellen dat je vooral niet vanuit emotie moet handelen. Schijt. TE LAAAAAT! En het had nog effect ook want de volgende dag had ik een sms terug dat Buurman het hoe dan ook die dag nog zou komen fixen. Fuck you, coaching goeroes!

Net na het avondeten stond hij op de stoep, de Buurman. Met een ladder en een emmer aas. Deze man praat heel erg hard. IK denk dat HIJ denkt dat dit zijn Zuidelijke accent beter verstaanbaar maakt (dat doet het niet). Nu is mijn Engels gelukkig redelijk op niveau maar ik zou bijna medelijden krijgen met de Punjabi’s in de kas. Wanneer Buurman hen iets probeert uit te leggen kan ik hem aan de andere kant van het terrein nog horen brullen. Enfin. The Rat exTerminator is in da house dus nu komt het goed.

Terwijl Buurman (dinsdagavond) het luik openschuift kletteren er dikke klonten rattenstront naar beneden op mijn tapijt. Alsof je een pak MEGA hagelslag leegschudt. “Ja, je moet dus straks even stofzuigen.” Joh. Ergens toch ook wel fijn, deze bevestiging. Ik ben niet gek, het zit niet in m’n hoofd, ik heb ECHT ratten in de flinterdunne wandjes van m’n accommodatie. “Ohja, ik zie er nu al een stuk of vier liggen!” DOOD OF LEVEND!? “Noooouuuu, deze zijn al een tijdje dood hoor! Bedenk me ook net dat het inderdaad wel even geleden is dat ik voor het laatst aas heb uitgezet. Er is weinig meer van over…’ Godsamme, dat had je ook wel effe eerder kunnen bedenken, buurman! Terwijl ik braaf de ladder vasthoud slingert Buurman brokken god-mag-weten-wat over het dunne houten plafond en waarschuwt hij me dat ik het de komende dagen wel zal horen wanneer de ratten die brokken aas naar hun holletje slepen. En ja hoor, Buurman heeft de deur nog niet achter zich dicht gedaan of ik hoor de eerste al. Het geluid van een knikker die over een stoeptegel rolt, dat idee. En ik denk alleen maar STERF BITCHES, STERF! Doe maar lekker van die shizzle vreten en STERF! TOE DAN! Hahaaaaa, de tijd dat jullie me uit m’n slaap halen is bijna ten einde! You may have won the battle but I’ll win the bloody war! Daar sta je dan, als 29-jarige met gebalde vuisten tegen een plafond te schreeuwen.

Nu, 3 dagen later, hoor ik nog steeds rollende knikkers en krassende rattennageltjes dus slaap ik maar met oordoppen in. En zet ik vier wekkers in plaats van de gebruikelijke drie, in de hoop dat er in ieder geval één tussen zit waar ik niet doorheen slaap. Met als gevolg dat ik al drie nachten op rij minimaal twee keer per nacht recht overeind schiet omdat ik meen dat ik me heb verslapen. Of omdat ik er van overtuigd ben dat ik zojuist een rat onder m’n kussen heb gevoeld. Oh, en het schijnt dat ze van dit soort ‘aas’ extra dorstig worden, vanuit de gedachte dat ze dan in stervende toestand proberen je woning te verlaten op zoek naar water. En nu weet ik dus helemaal zeker dat er dan dus één, als laatste terreurdaad voor zijn of haar onvermijdelijke dood, vanuit m’n pleepot omhoog komt zetten om me in m’n reet te bijten terwijl ik zit te kakken. Kut.

Alle tieners zeggen JA!
Na al deze ellende ben ik dinsdagochtend vroeg (maar NET iets later dan de bedoeling was…) in uiterst slaperige toestand achter het stuur gekropen voor een date met de wandelclub. We moesten om 8 uur verzamelen op een parkeerplaats net buiten Christchurch. Volgens Google Maps zou ik 20 minuten over dit ritje doen en omdat ik Google niet vertrouw had ik bedacht dat ik dan minimaal 45 minuten van tevoren zou moeten vertrekken. Dat werden er 30. Ergens raak ik ’s ochtends in comateuze toestand altijd zo’n 10 minuten van de dag zomaar kwijt. Ik weet niet hoe dat werkt.

Om op de plek van bestemming te geraken moest ik een snelweg oversteken. Je zou denken dat dat niet zo’n uitdaging zou moeten zijn maar ik dreigde te laat te komen en het was INEENS spitsuur. Bovendien doen ze hier niet aan verkeerslichten of rotondes of iets in die geest. Je zoekt het maar uit. Na zeker tien minuten te hebben staan speuren naar een mogelijkheid om over te steken was ik het zat en heb ik maar gewoon m’n ogen dicht gedaan en gas gegeven. God zegene de greep, zoiets.  Wonder boven wonder heelhuids de overkant bereikt en toen plankgas richting verzamelplek. Ik had nog maar een paar minuten. En wat gebeurt er dan? Juist, dan rijdt er een fokkin’ bejaarde voor je die niet harder wil dan 60 op een weg waar je (volgens mij?) 80 mag. Al vloekend en tierend het fossiel ingehaald en flink afgesneden (dat laatste was niet helemaal de bedoeling maar deels het gevolg van mijn slaperige toestand) en terwijl ik met m’n inhaalmanoeuvre bezig was zag ik het monumentale wijf een knokige vuist opsteken en vanonder een asgrijze wenkbrauwpartij met woeste blik mij een doodswens toewerpen. Jaja, dikke doei, ouwe taart! Dan moet je maar doorrijden in dat lelijke koekblik van je!

Nog geen twee minuten later rijdt ze achter me aan de parkeerplek op en blijkt mevrouw lid te zijn van de wandelclub. Oepsie. Ondanks dat ik wel doorhad dat ik bij een eventuele escalatie zeker de bovenliggende partij zou zijn heb ik me toch maar van m’n beste kant laten zien en mijn nederige excuses aangeboden en hebben we intens gezellig samen een heuvel opgesjouwd.

Bealey Spur track, een wandeling in Arthur’s Pass National Park. Zo’n 12 km heen en terug. En dit keer kon ik zelfs met de fittere helft van de wandelclub meekomen! De wandeling was prima te doen, deels door ‘beech forest’ en deels met uitzicht op Arthur’s Pass en de alpen. De afdaling was wel wat saai en daarom vroeg de pretletter van de groep ons om een liedje te zingen. Ik kan me dan doorgaans verschuilen achter het feit dat ik Buitenlander ben en toch zeker geen Engelstalige liedjes kan zingen maar dit keer moest ik er toch echt aan geloven. Bejaarden kunnen echt verschrikkelijk drammen. Omdat ik niet kan zingen en niet zo snel iets anders ‘Dutch’ kon bedenken heb ik ze maar de onsterfelijk sterke tekst van Ronnie Flex en Lil’ Kleine’s Drank & Drugs geleerd. Ik heb ze verteld dat de zin ‘Alle tieners zeggen Ja tegen MDMA’ het Nederlandse equivalent is van het spreekwoord ‘every cloud has a silver lining’. We hebben het een paar keer moeten oefenen maar een groot deel van de groep kan de zin nu in verstaanbaar Nederlands uitspreken. Oh, wat zou ik er graag bij zijn wanneer één van de bejaarden nog eens een Nederlander treft.


Tot slot nog wat foto’s. Ik ben ten slotte in het Mooiste Land ter Wereld en dat zullen jullie potverdorie weten ook!

Castle Hill:








Dit is het uitzicht vanaf de heuvel die je op de eerste foto rechts bovenaan ziet!

Arthur's Pass National Park, Bealey Spur Track:






#doei.


4 opmerkingen:

  1. Mooi hoor:) allen wat zit er in vredesnaam allemaal in die blauwe rugzak?

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Die rugzak is niet zo groot, dat vrouwtje is gewoon heel klein!

      Verwijderen
  2. Tering. Jaloers. Nice pics ook. Nieuwe cam? ;)

    Oke oke niet zo jaloers op je ratten. Dan weer. Ieuwieuwieuw....

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Wat een mooie plaatjes zeg!!

    BeantwoordenVerwijderen