woensdag 2 maart 2016

As Lok may have it...


Hello! Woensdagavond, ik zit na mijn eerste werkdag van deze week in m’n serre met de beentjes omhoog want ik ben helemaal KAPOT van de spierpijn (daarover later meer…). Het uitzicht van vanavond bestaat deels uit kledingstukken, hangend aan een geïmproviseerd waslijntje. Na het driekwartbroek-debacle heb ik namelijk maar mijn eigen lijntje gefixt, sowieso trouwens want ik vond het geen optie om mijn ondergoed middenin de tuin van de buren te laten wapperen, for all to see and for the dog to grab (ook hierover later meer, over de hond dat is). Verder kijk ik uit op Cheryl, Joe en Greg, m’n knagende flapoor vrienden, die voor m’n bungalowtje driftig aan de plantjes zitten te knabbelen.  Overigens vind ik deze vrinden zo rond de schemering (zowel ’s ochtends als ’s avonds) niet zo relaxt want dan proberen ze hun weg naar binnen te vreten, althans, zo klinkt het. De eerste keer dat ik dat hoorde zat ik rechtop in bed, ’s ochtends om 5 uur, het leek namelijk net alsof dat geknaag zich IN mijn bungalowtje voordeed. Ik heb het drietal nog niet op heterdaad kunnen betrappen dus het zou ook maar zo een ander beest kunnen zijn, een possum bijvoorbeeld (ook hier later meer over…). Dat is niet het enige waarvan ik ’s nachts onmiddellijk in alerte modus schiet. Afgelopen week was er rond half 4 in de ochtend weer een aardbeving, ‘slechts’ 4.2 dit keer maar genoeg om mijn hartslag even flink op hol te brengen. Dit is vast m’n straf voor die keer dat ik zo heb lopen opscheppen over alle uren slaap die ik hier extra krijg.

Anyways, zo veel te vertellen! Ik zal de rest van deze post wel van tussenkopjes voorzien, dat leest makkelijker voor degenen die delen van het verhaal al kennen en voor degenen die gewoon niet zo’n zin hebben om ALLES te lezen (maar die mensen zijn eigenlijk heel stom).



Superrrrrrrrrrrrrr Rugby!
Afgelopen zaterdag de eerste thuiswedstrijd van the Crusaders hier in Christchurch. Opa en (vooral) oma zijn enorm fan en hebben seizoenskaarten, ook al doet het team het de laatste jaren niet zo best. En dan zijn captain Richie McGaw en Dan Carter na afloop van het vorige seizoen ook nog eens vertrokken! De vooruitzichten waren dus niet heel best, MAAR als je fan bent van een team support je ze in zowel goede als slechte tijden en loop je dus bijvoorbeeld niet over naar de fanbase van de dichtbij gelegen (Dunedin) Highlanders (zoals de kleinzoon heeft gedaan) omdat zij toevallig afgelopen seizoen kampioen zijn geworden. U merkt het, ik zit er al he-le-maal in. Het eigenlijke stadion is sinds de aardbevingen van 5 jaar geleden niet meer bruikbaar en het nieuwe (tijdelijke) stadion is niet zo groot, toch merk je aan alles dat de sport hier heel erg leeft. Praktisch iedereen komt in clubkleuren naar de wedstrijd, onderweg naar het stadion zie je langs de weg her en der vlaggenmasten met een Crusaders vlag eraan en voordat de wedstrijd überhaupt begint is er al het nodige spektakel. Zo zijn daar de ‘Maidens’, eigenlijk gewoon cheerleaders maar dan in een soort Middeleeuws stoeipakje plus een plastic zwaard, die even met hun blonde haren en hun iets te strak verpakte derrieres  op de maat van een spannend muziekje mogen schudden. En dan gaat het losssssssss… Conquest of Paradise wordt ingestart en dan betreden de ‘Horsemen’ de arena. 4 mannen op paarden, in rode (en 1 zwarte) gewaden die zwaaiend met (wederom) een plastic zwaard langs de tribunes rijden om het publiek op te zwepen. Lachwekkend maar stiekem toch ook wel weer heel cool. En het werkt. Wanneer na zo’n 4 rondjes de Horsemen aftaaien komen de Middeleeuwse huppelkutten weer tevoorschijn om met omhoog gestoken plastic zwaarden een erehaag te vormen voor de aantredende rugbyers. Wooohooooo, go Crusaders! De eerste 15 minuten leken beide partijen nog wat zenuwachtig maar daarna ging het LOSSS en volgde er een potje Southern Hemisphere rugby waar je blij van wordt. Op het veld stonden de nummers 1,3,4,5,6 en 8 van de basis All Blacks (afgelopen WK) dus dan verwacht je ook wel wat. 5 tries (en slechts 1 scrum!) alleen al in de eerste helft en ‘mijn’ team ging met een voorsprong de rust in. Toen moest ik als de sodemieter een club jersey scoren (nog bedankt, merchandise-verkoop-meisje voor je compliment door mijn maat op M te schatten, maar het werd toch echt een XL….) en was ik net op tijd voor de 2e helft weer op m’n plek. Maar toen bleek Oma zoek. Een kleine 5 minuten na aanvang van de tweede helft zag ik haar aan het einde van onze rij stoelen heftig naar me gebaren. Ik moest komen. Euh, oke? Na een kleine aarzeling toch maar over zo’n 3 bejaarden, 4 kleuters en 2 veel te dikke kerels heen geklommen en oma gevolgd naar een nieuwe (en VEEL BETERE) plek! Oma, ware Groupie dat ze is, had namelijk gezien dat er ergens op de 3e rij (vanaf het veld gezien) nog plekken vrij waren aan het gangpad, dan kon ik die lange Hollandsche stelten van me wat beter kwijt. En niet geheel ontoevallig zaten aan de andere kant van het gangpad de geblesseerde spelers waarvan oma watertandend, één voor één (en IETS te hard) de namen heeft genoemd maar die ik direct weer vergeten ben. Behalve Ryan Crotty, want dat vond ik ZO’N stomme achternaam dat ik het wel MOEST onthouden. Fantastische plek! Ik zat zelfs ZO dichtbij dat ik zou zweren dat ik af en toe geraakt werd door rondslingerend All Blacks zweet, heerlijk! De wedstrijd zelf eindigde niet zo best, met een verschil van 6 punten werd er verloren van de Chiefs. Opvallend trouwens, dat ‘respect the kicker’ idee om tijdens conversies stil te zijn lappen ze hier enorm aan hun kruisvaarders-laarzen, hoe langer het duurt hoe harder er op de tribunes getrappeld wordt. Voor een stad waar de grond met enige regelmaat al loopt te schudden nogal een bijzonder ritueel.

Op de terugweg naar huis gooide Oma ineens het stuur om, ik dacht om iets dat overstak te ontwijken maar het bleek dat ze juist had geprobeerd om ergens OVERHEEN te rijden. Jeeeeeeezzzz, slechte verliezer zeg! Maar het lag toch anders. Oma probeerde een overstekende Possum te raken, want dat is ongedierte. Ze vreten alles op, maken alles kapot en hebben eigenlijk schuld aan alle onrecht en ellende in deze wereld. Oke, duidelijk.


4 wheel drive
Zondag was een vrije dag en ben ik wederom met Opa en Oma op stap geweest. Dit keer reden we in de ‘Ute’ (google dat maar) naar en door de Rakaia River Gorge. Een deel van de rit ging over privéterrein van boeren die allemaal Toddhunter heten (curious…) en die normaal gesproken hun hekken stevig gesloten houden voor het publiek. Nu mocht je na 50 dollar te betalen al slingerend over een parcours dat slechts enkele keren per jaar gebruikt wordt om het vee te vervoeren (livestock… cattle… wat een PRACHTIGE woorden zijn dat toch ook!). Als ik dit met Kermit had moeten doen was ’t arme bakkie zeker na de eerste bocht al gestorven want JEUMIG wat een terrein! De rit was fantastisch, echt allemaal uitzichten die ZO van een ansichtkaart leken te zijn geknipt en het was zowaar ook best gezellig met Opa en Oma die de hele tijd op elkaar lopen te foeteren: hij luistert niet en zij kan niet rijden (klopt). Opa was al 48 jaar niet meer in dit gebied geweest, destijds werkte hij als schaapscheerder en heeft hij enkele dagen vóór zijn bruiloft met Oma, op dit terrein vastgezeten op een door de rivier overspoelde brug. Dat pik je toch maar even mee zo.

Op de terugweg maakte Oma een klein omweggetje want ze MOEST me even het huis laten zien waar nationale Rugbyheld Dan Carter is opgegroeid en waar zijn ouders nog steeds wonen. Dat ligt hemelsbreed op een afstand van mijn bungalowtje dat de beste man waarschijnlijk kickend kan overbruggen. Oma zet gewoon schaamteloos de auto voor de deur daar. In de tuin staan nog de rugbypalen waar het allemaal mee begon. Ik probeer maar gewoon te bedenken dat ook Dan Carter met enige regelmaat moet kakken want als ik dat niet doe en me laat meeslepen in Oma’s groupiegedrag lig ik binnenkort vast met m’n enorme camera in de bosjes te wachten tot Dan eventueel, ooit, eens, z’n ouders besluit te bezoeken.

Peak Hill, of; Peak Hell.
Gisteren ben ik op uitnodiging van collega J., die mijn wandelplannen had aangehoord, met wandelclub Kunstgebit (zo heten ze natuurlijk niet echt!) een berg opgesjouwd. Ik kan het niet anders noemen. En als ik van tevoren had geweten dat dit het plan was dan was ik zeker niet meegegaan. Collega J. fietst dagelijks 10 km naar het werk en heeft een stel kuiten waar je bang van wordt. Ze verzekerde me dat ik ‘de wandeling’ (want zo noemde ze het) echt MAKKELIJK zou kunnen. Toen ik nogmaals duidelijk maakte dat ik sinds m’n sleutelbeenbreuk echt helemaal NIETS aan beweging heb gedaan en qua fitheid zou kunnen concurreren met een gemiddelde koelkast beweerde ze nog steeds dat het echt niet zoveel voorstelde, dat er zelfs een man van 83 mee zou gaan…. Wat ze daar echter niet bij heeft gezegd was dat die man van 83 al 27 jaar iedere dinsdag met de wandelclub op pad gaat. En dat die wandelclub verder ook alleen maar bestaat uit veel te fitte bejaarden die dit ook al 100 jaar doen. Van het type dat VEEL te bruin is, altijd kakikleurige korte broeken en anderzijds camouflerende kledij draagt en geen grammetje vet aan het vege lijf heeft hangen. Sodeknetter, toen ik het gezelschap zich zag vormen op de afgesproken parkeerplek durfde ik al niet meer. Nog even voor de beeldvorming, deze mensen hebben huwelijken die al minimaal 15 jaar langer duren dan dat ik überhaupt besta.  Na ongeveer een uur rijden stootte collega J. me aan en wees ze naar buiten ‘See, that’s the hill we’re going to climb.’ WAIT, WHAT!? ‘That’s not a hill. That’s a mountain. And there’s no way I’m going to be able to climb THAT!’ J. moest lachen. Jaja, nu nog wel… totdat zij of één van die andere wandelende fossielen mij halverwege die berg zou moeten reanimeren, dan zou het lachen haar wel vergaan. Eenmaal bij het beginpunt aangekomen was mij de moed al diep in de wandelschoenen gezonken. Ik kom uit het moeras. Ik ben niet gemaakt om omhoog te lopen, ik vind dat ook helemaal niet leuk. Toen ik een paar jaar geleden met Martijn in het Goffertpark ging hardlopen had ik al veel te veel last van het ‘hoogteverschil’ door al die ‘heuvels’, ik bedoel maar. En ik geloof dat Martijn ook liever één voor één al z’n nagels uittrekt dan nog eens met mij op een mountainbike een berg/heuvel op te moeten fietsen. Zo erg ongeschikt ben ik om omhoog te lopen/fietsen. En toch ging ik dat doen. Ik ben ergens halverwege de groep ingevoegd en ik MOEST en ZOU voor de 83-jarige blijven want als ik eenmaal achter hem zou komen dan was het einde zoek, zou ik ZEKER opgeven en ergens op die berg gaan zitten huilen tot een helikopter me zou komen halen. Zover heeft het niet hoeven komen. Twee uur lang heb ik mezelf moed ingepraat, af en toe even pas op de plaats gemaakt om m’n hartslag weer wat te laten zakken (gelukkig hoorde ik de bejaarden voor en achter me ook wel naar adem happen…) en toen alleen maar gekeken naar het volgende punt waar ik m’n voeten neer zou moeten zetten. Totdat ik dacht dat ik er bijna was, want toen kon ik met m’n laatste beetje energie nog even doorpakken…. En bleek dat achter die punt NOG een ‘peak’ was. Godsamme. En toen er na die peak NOG een stuk omhoog bleek te gaan heb ik een klein beetje gemopperd. Echt maar een heel klein beetje. Maar toch genoeg voor de 83-jarige die inmiddels achter me liep ‘What is that? Do I hear somebody giving up?’ No way, ouwe. I’ll race you to the top! Echt een wedstrijd werd het niet, onmogelijk ook om elkaar te passeren op een bergrichel (gelukkig heb ik geen hoogtevrees) maar ik heb het wel gehaald. Zo. En toen was ik best trots op mezelf.
Bovenop de berg m’n sistema lunchbox leeggevroten en het laatste restje water uit m’n literfles achterover gegooid… en toen moesten we nog weer naar beneden. Via dezelfde route. Wel ja. En toen werd me pas goed duidelijk hoe steil de hele tocht eigenlijk was. Mijn bergschoenen zijn bijna 10 jaar oud en omdat we in Nederland een ernstig gebrek aan bergen hebben, heb ik de meeste kilometers met die schoenen gewoon op asfalt gemaakt en is het profiel al van m’n zolen gesleten. Binnen 5 minuten na aanvang van de afdaling zat ik op m’n bips omdat ik was weggegleden. Toen bood 77-jarige A. me zijn wandelstok aan, zo’n soort skistok maar dan voor wandelmensen. Omdat ik op dat punt in m’n leven toch al geen reputatie meer had hoog te houden heb ik de stok dankbaar aangenomen en geaccepteerd dat ik om levend een heuvel af te komen blijkbaar de hulp nodig heb van een 77-jarige en zijn wandelstok. Vanaf nu schaam ik me denk ik nergens meer voor. Erger dan dit kan het niet worden toch? Na een kleine 4 uur stonden we weer beneden, bij de auto’s en keek ik nogmaals omhoog, naar Peak Hill, en ik heb ik mezelf een klein schouderklopje gegeven. De wandelbejaarden waren ook heel trots op me en als ik nog eens mee wilde dan was ik altijd welkom. Super bedankt, ik denk er nog EVEN over na…. Terug in m’n bungalowtje heb ik nog even de details van de tocht opgezocht en kwam ik het volgende tegen: Intensity Hard/Expert. Above average fitness and trampingexperience required. Potnondeju, dat heb ik toch maar mooi even geflikt!

Werk- en hond-perikelen
Tot slot nog even een kleine update wat betreft werk. Ik heb het namelijk nog helemaal niet gehad over ‘De Hond’. Of over mijn zwaar racistische Hollandsche collega. Eerst De Hond. Die is van de buren en hij/zij is van het kaliber dat altijd ruikt alsof het net een uur in de regen heeft gestaan. Gatverdamme, niets ruikt zo ranzig als natte hond. Dat beest heeft een chronisch aandachtgebrek dat alleen nog maar is toegenomen nu de familie ook een puppy in huis heeft. De Hond heeft een Hok buiten, waar hij het grootste deel van de dag in opgesloten zit. Als De Hond uit het hok mag, iedere keer dat ik door de tuin naar het werk moet lopen bijvoorbeeld, zorgt het beest er dus wel voor dat hij daar het maximale uithaalt. De tuin ligt bezaaid met aangevreten sokken, knuffels, tennisballen, badlakens… Daarnaast is De Hond ook gewoon gestoord. Ik heb nog nooit zo’n blije, dolle hond gezien. En als ik ‘m alleen maar hoefde te zien kon ik het kort houden maar helaasch heeft het beest niet begrepen dat ik niet van ‘m gediend ben want zodra ik het tuinhekje open doe komt De Hond al mijn kant op gestormd. Zelfs m’n beste hand-off kan niet voorkomen dat De Hond zichzelf vervolgens tegen me aan werpt. Echt, het beest springt met z’n volle gewicht gewoon tegen je aan. Niet op achterste poten, nee, hups, alle 4 de poten de lucht in en dan zijwaarts ZO tegen je middenrif aan. En dan heb ik dus een afdruk van dat beest op m’n lijf en ruik ik de hele dag naar natte hond, ontzettend stom. Ik hou van dieren, echt waar (behalve van motten) en wil dus geen grof geweld gebruiken maar ik vermoed niet dat ik De Hond op andere gedachten kan brengen met een powerpointpresentatie vol argumenten waarom hij zichzelf niet meer zo tegen me aan moet lanceren. En luisteren doettie sowieso niet. Hier moet ik dus nog wat op verzinnen.


Dan m’n collega. Oi, oi, oi. De man woont al 50 jaar in Nieuw-Zeeland en heeft op zo’n natuurlijke manier het woord ‘bloody’ in z’n taalgebruik verwerkt that I almost couldn’t bloody believe it dat hij Nederlands is. Er is iets met deze man. Ik had al een paar keer iets over hem gehoord maar niets heeft me kunnen voorbereiden op hetgeen zich voordeed toen ik hem eenmaal ontmoette. T. is oud, heeft een abonnement op infarcten (hoofd, hart, you name it…) maar is niet kapot te krijgen. T. is verder zo verschrikkelijk zuur dat ‘woest’ zijn neutrale gezichtsuitdrukking is geworden. Deze man ziet eruit als een gevluchte oorlogscrimineel en het zou me niet verbazen als hij dat nog blijkt te zijn ook. De eerste woorden die hij tegen me sprak waren ‘those bloody muslims. I’m not a bloody rascist but the only good muslim is a dead muslim.’ En hij maakte geen grapje. Toen schakelde hij over naar Nederlands. Nouja, Twents, want daar kwam hij oorspronkelijk vandaan. En iedereen die niet plat proat die verloochent z’n wortels en moet ook dood. Want dat bekakte proat’n dat ze ‘daar in het westen’ doen, daar was hij he-le-maal klaar mee. En met moslims dus. Ik heb maar niet gevraagd hoeveel moslims er 50 jaar geleden, in Twente, bij hem in de straat woonden want eerlijk gezegd vond ik het gesprek al veel te lang duren. Ik denk niet dat ik hem op een feestje zou uitnodigen… Gelukkig is hij er niet zo bloody vaak. En staat de radio ook altijd zo hard dat een fatsoenlijk gesprek voeren sowieso al vrij lastig is.

Tot nu toe heb ik iedere werkdag minimaal elk uur een Justin Bieber plaat voorbij horen komen (wist u trouwens dat die dansmeisjes uit de ‘Sorry’ clip uit Nieuw-Zeeland komen en de beste dance crew ter wereld zijn? Nee? Pik je toch maar even mee!) en heet één van de gerbera soorten die ik moet plukken ook nog eens ‘Bieber’ (de bloemen krijgen hun naam in Nederland, ik heb namens de gehele bevolking al mijn excuses aangeboden voor deze specifieke benoeming) aldus is het spreekwoord ‘Een dag niet geBiebert is een dag niet gewerkt’ ontstaan. Een mooie toevoeging aan het spreekwoordenlijstje dat is gestart door oud-collega I. L. die na mijn mededeling dat ik mijn werk mee naar huis neem kwam met ‘Beter 10 gerbera’s op de vaas dan 10 leerlingen in je huis’. 

Amen.

7 opmerkingen:

  1. Hey Lekker ding, ik zou inderdaad niet zo snel meer met jou een berg op mountainbike ;) denk niet dat dat goed is voor de relatie :P Maar zo zie je maar weer dat je wel meer kan dan je denkt, soms moet je de dingen gewoon doen :) kus

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Wijze woorden, skattiepatattie! Ik zal wat vaker naar je luisteren! ;)

      Verwijderen
  2. Ik mis écht je driekwartbroek op de jaloersmakende uitzichtfoto na je onsterfelijke wandeltocht omhoog! Lekker bezig deerne! Keep up the good work! En voor wat betreft de hond: gewoon side-steppen! Springt 'ie zo mis ;-) X

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Ik mag niet meer side-steppen van m'n zorgverzekering! Maar wat niet weet... Zal het eens proberen zo! En ik had de korte broek memo even gemist anders had ik ZEKER m'n driekwartsbroek aangedaan op expeditie! Foto volgt, ooit.

      Verwijderen
  3. De Hond... Zag t helemaal voor me en moet er nog om lachen:) klinkt als een fantastisch leven daar schat, geniet ervan, go with the flow:)

    BeantwoordenVerwijderen
  4. Goede verhalen Lok! ik lees ze soms zelfs vaker dan 1 keer.

    LIEFS.

    BeantwoordenVerwijderen
  5. Méér verhalen, Méér foto's, Méér Méér Méér!! Mn buik/lachspieren zijn weer getraind vanochtend. (mooi, kunnen we de hardloopsessie weer skippen van vandaag.)
    Goede verhalen Lok:D

    BeantwoordenVerwijderen