Hello! Woensdagavond, ik zit na mijn eerste werkdag van deze
week in m’n serre met de beentjes omhoog want ik ben helemaal KAPOT van de
spierpijn (daarover later meer…). Het uitzicht van vanavond bestaat deels uit
kledingstukken, hangend aan een geïmproviseerd waslijntje. Na het
driekwartbroek-debacle heb ik namelijk maar mijn eigen lijntje gefixt, sowieso
trouwens want ik vond het geen optie om mijn ondergoed middenin de tuin van de
buren te laten wapperen, for all to see and for the dog to grab (ook hierover
later meer, over de hond dat is). Verder kijk ik uit op Cheryl, Joe en Greg, m’n
knagende flapoor vrienden, die voor m’n bungalowtje driftig aan de plantjes
zitten te knabbelen. Overigens vind ik deze
vrinden zo rond de schemering (zowel ’s ochtends als ’s avonds) niet zo relaxt want
dan proberen ze hun weg naar binnen te vreten, althans, zo klinkt het. De
eerste keer dat ik dat hoorde zat ik rechtop in bed, ’s ochtends om 5 uur, het
leek namelijk net alsof dat geknaag zich IN mijn bungalowtje voordeed. Ik heb
het drietal nog niet op heterdaad kunnen betrappen dus het zou ook maar zo een
ander beest kunnen zijn, een possum bijvoorbeeld (ook hier later meer over…).
Dat is niet het enige waarvan ik ’s nachts onmiddellijk in alerte modus schiet.
Afgelopen week was er rond half 4 in de ochtend weer een aardbeving, ‘slechts’
4.2 dit keer maar genoeg om mijn hartslag even flink op hol te brengen. Dit is
vast m’n straf voor die keer dat ik zo heb lopen opscheppen over alle uren
slaap die ik hier extra krijg.
Anyways, zo veel te vertellen! Ik zal de rest van deze post
wel van tussenkopjes voorzien, dat leest makkelijker voor degenen die delen van
het verhaal al kennen en voor degenen die gewoon niet zo’n zin hebben om ALLES
te lezen (maar die mensen zijn eigenlijk heel stom).
Superrrrrrrrrrrrrr
Rugby!
Op de terugweg naar huis gooide Oma ineens het stuur om, ik
dacht om iets dat overstak te ontwijken maar het bleek dat ze juist had geprobeerd
om ergens OVERHEEN te rijden. Jeeeeeeezzzz, slechte verliezer zeg! Maar het lag
toch anders. Oma probeerde een overstekende Possum te raken, want dat is
ongedierte. Ze vreten alles op, maken alles kapot en hebben eigenlijk schuld
aan alle onrecht en ellende in deze wereld. Oke, duidelijk.
4 wheel drive
Op de terugweg maakte Oma een klein omweggetje want ze MOEST
me even het huis laten zien waar nationale Rugbyheld Dan Carter is opgegroeid
en waar zijn ouders nog steeds wonen. Dat ligt hemelsbreed op een afstand van
mijn bungalowtje dat de beste man waarschijnlijk kickend kan overbruggen. Oma
zet gewoon schaamteloos de auto voor de deur daar. In de tuin staan nog de rugbypalen
waar het allemaal mee begon. Ik probeer maar gewoon te bedenken dat ook Dan
Carter met enige regelmaat moet kakken want als ik dat niet doe en me laat
meeslepen in Oma’s groupiegedrag lig ik binnenkort vast met m’n enorme camera
in de bosjes te wachten tot Dan eventueel, ooit, eens, z’n ouders besluit te
bezoeken.
Peak Hill, of; Peak
Hell.
Gisteren ben ik op uitnodiging van collega J., die mijn
wandelplannen had aangehoord, met wandelclub Kunstgebit (zo heten ze natuurlijk
niet echt!) een berg opgesjouwd. Ik kan het niet anders noemen. En als ik van
tevoren had geweten dat dit het plan was dan was ik zeker niet meegegaan. Collega
J. fietst dagelijks 10 km naar het werk en heeft een stel kuiten waar je bang
van wordt. Ze verzekerde me dat ik ‘de wandeling’ (want zo noemde ze het) echt
MAKKELIJK zou kunnen. Toen ik nogmaals duidelijk maakte dat ik sinds m’n
sleutelbeenbreuk echt helemaal NIETS aan beweging heb gedaan en qua fitheid zou
kunnen concurreren met een gemiddelde koelkast beweerde ze nog steeds dat het
echt niet zoveel voorstelde, dat er zelfs een man van 83 mee zou gaan…. Wat ze
daar echter niet bij heeft gezegd was dat die man van 83 al 27 jaar iedere
dinsdag met de wandelclub op pad gaat. En dat die wandelclub verder ook alleen
maar bestaat uit veel te fitte bejaarden die dit ook al 100 jaar doen. Van het
type dat VEEL te bruin is, altijd kakikleurige korte broeken en anderzijds
camouflerende kledij draagt en geen grammetje vet aan het vege lijf heeft
hangen. Sodeknetter, toen ik het gezelschap zich zag vormen op de afgesproken
parkeerplek durfde ik al niet meer. Nog even voor de beeldvorming, deze mensen
hebben huwelijken die al minimaal 15 jaar langer duren dan dat ik überhaupt
besta. Na ongeveer een uur rijden stootte
collega J. me aan en wees ze naar buiten ‘See, that’s the hill we’re going to
climb.’ WAIT, WHAT!? ‘That’s not a hill. That’s a mountain. And there’s no way
I’m going to be able to climb THAT!’ J. moest lachen. Jaja, nu nog wel… totdat
zij of één van die andere wandelende fossielen mij halverwege die berg zou moeten reanimeren, dan zou het lachen haar wel vergaan. Eenmaal bij het
beginpunt aangekomen was mij de moed al diep in de wandelschoenen gezonken. Ik
kom uit het moeras. Ik ben niet gemaakt om omhoog te lopen, ik vind dat ook
helemaal niet leuk. Toen ik een paar jaar geleden met Martijn in het
Goffertpark ging hardlopen had ik al veel te veel last van het ‘hoogteverschil’
door al die ‘heuvels’, ik bedoel maar. En ik geloof dat Martijn ook liever één
voor één al z’n nagels uittrekt dan nog eens met mij op een mountainbike een
berg/heuvel op te moeten fietsen. Zo erg ongeschikt ben ik om omhoog te
lopen/fietsen. En toch ging ik dat doen. Ik ben ergens halverwege de groep
ingevoegd en ik MOEST en ZOU voor de 83-jarige blijven want als ik eenmaal
achter hem zou komen dan was het einde zoek, zou ik ZEKER opgeven en ergens op
die berg gaan zitten huilen tot een helikopter me zou komen halen. Zover heeft
het niet hoeven komen. Twee uur lang heb ik mezelf moed ingepraat, af en toe
even pas op de plaats gemaakt om m’n hartslag weer wat te laten zakken
(gelukkig hoorde ik de bejaarden voor en achter me ook wel naar adem happen…)
en toen alleen maar gekeken naar het volgende punt waar ik m’n voeten neer zou
moeten zetten. Totdat ik dacht dat ik er bijna was, want toen kon ik met m’n
laatste beetje energie nog even doorpakken…. En bleek dat achter die punt NOG
een ‘peak’ was. Godsamme. En toen er na die peak NOG een stuk omhoog bleek te
gaan heb ik een klein beetje gemopperd. Echt maar een heel klein beetje. Maar
toch genoeg voor de 83-jarige die inmiddels achter me liep ‘What is that? Do I
hear somebody giving up?’ No way, ouwe. I’ll race you to the top! Echt een
wedstrijd werd het niet, onmogelijk ook om elkaar te passeren op een bergrichel
(gelukkig heb ik geen hoogtevrees) maar ik heb het wel gehaald. Zo. En toen was
ik best trots op mezelf.
Bovenop de berg m’n sistema lunchbox leeggevroten en
het laatste restje water uit m’n literfles achterover gegooid… en toen moesten
we nog weer naar beneden. Via dezelfde route. Wel ja. En toen werd me pas goed
duidelijk hoe steil de hele tocht eigenlijk was. Mijn bergschoenen zijn bijna
10 jaar oud en omdat we in Nederland een ernstig gebrek aan bergen hebben, heb
ik de meeste kilometers met die schoenen gewoon op asfalt gemaakt en is het
profiel al van m’n zolen gesleten. Binnen 5 minuten na aanvang van de afdaling
zat ik op m’n bips omdat ik was weggegleden. Toen bood 77-jarige A. me zijn
wandelstok aan, zo’n soort skistok maar dan voor wandelmensen. Omdat ik op dat
punt in m’n leven toch al geen reputatie meer had hoog te houden heb ik de stok
dankbaar aangenomen en geaccepteerd dat ik om levend een heuvel af te komen blijkbaar
de hulp nodig heb van een 77-jarige en zijn wandelstok. Vanaf nu schaam ik me
denk ik nergens meer voor. Erger dan dit kan het niet worden toch? Na een
kleine 4 uur stonden we weer beneden, bij de auto’s en keek ik nogmaals omhoog,
naar Peak Hill, en ik heb ik mezelf een klein schouderklopje gegeven. De
wandelbejaarden waren ook heel trots op me en als ik nog eens mee wilde dan was
ik altijd welkom. Super bedankt, ik denk er nog EVEN over na…. Terug in m’n
bungalowtje heb ik nog even de details van de tocht opgezocht en kwam ik het
volgende tegen: Intensity Hard/Expert. Above average fitness and trampingexperience required. Potnondeju, dat heb ik toch maar mooi even geflikt!
Werk- en
hond-perikelen
Tot slot nog even een kleine update wat betreft werk. Ik heb
het namelijk nog helemaal niet gehad over ‘De Hond’. Of over mijn zwaar racistische
Hollandsche collega. Eerst De Hond. Die is van de buren en hij/zij is van het
kaliber dat altijd ruikt alsof het net een uur in de regen heeft gestaan.
Gatverdamme, niets ruikt zo ranzig als natte hond. Dat beest heeft een
chronisch aandachtgebrek dat alleen nog maar is toegenomen nu de familie ook
een puppy in huis heeft. De Hond heeft een Hok buiten, waar hij het grootste
deel van de dag in opgesloten zit. Als De Hond uit het hok mag, iedere keer dat
ik door de tuin naar het werk moet lopen bijvoorbeeld, zorgt het beest er dus
wel voor dat hij daar het maximale uithaalt. De tuin ligt bezaaid met aangevreten
sokken, knuffels, tennisballen, badlakens… Daarnaast is De Hond ook gewoon
gestoord. Ik heb nog nooit zo’n blije, dolle hond gezien. En als ik ‘m alleen
maar hoefde te zien kon ik het kort houden maar helaasch heeft het beest niet
begrepen dat ik niet van ‘m gediend ben want zodra ik het tuinhekje open doe
komt De Hond al mijn kant op gestormd. Zelfs m’n beste hand-off kan niet
voorkomen dat De Hond zichzelf vervolgens tegen me aan werpt. Echt, het beest
springt met z’n volle gewicht gewoon tegen je aan. Niet op achterste poten,
nee, hups, alle 4 de poten de lucht in en dan zijwaarts ZO tegen je middenrif
aan. En dan heb ik dus een afdruk van dat beest op m’n lijf en ruik ik de hele
dag naar natte hond, ontzettend stom. Ik hou van dieren, echt waar (behalve van
motten) en wil dus geen grof geweld gebruiken maar ik vermoed niet dat ik De
Hond op andere gedachten kan brengen met een powerpointpresentatie vol
argumenten waarom hij zichzelf niet meer zo tegen me aan moet lanceren. En
luisteren doettie sowieso niet. Hier moet ik dus nog wat op verzinnen.
Dan m’n collega. Oi, oi, oi. De man woont al 50 jaar in Nieuw-Zeeland
en heeft op zo’n natuurlijke manier het woord ‘bloody’ in z’n taalgebruik verwerkt
that I almost couldn’t bloody believe it dat hij Nederlands is. Er is iets met
deze man. Ik had al een paar keer iets over hem gehoord maar niets heeft me
kunnen voorbereiden op hetgeen zich voordeed toen ik hem eenmaal ontmoette. T.
is oud, heeft een abonnement op infarcten (hoofd, hart, you name it…) maar is
niet kapot te krijgen. T. is verder zo verschrikkelijk zuur dat ‘woest’ zijn
neutrale gezichtsuitdrukking is geworden. Deze man ziet eruit als een gevluchte
oorlogscrimineel en het zou me niet verbazen als hij dat nog blijkt te zijn
ook. De eerste woorden die hij tegen me sprak waren ‘those bloody muslims. I’m
not a bloody rascist but the only good muslim is a dead muslim.’ En hij maakte
geen grapje. Toen schakelde hij over naar Nederlands. Nouja, Twents, want daar
kwam hij oorspronkelijk vandaan. En iedereen die niet plat proat die
verloochent z’n wortels en moet ook dood. Want dat bekakte proat’n dat ze ‘daar
in het westen’ doen, daar was hij he-le-maal klaar mee. En met moslims dus. Ik
heb maar niet gevraagd hoeveel moslims er 50 jaar geleden, in Twente, bij hem
in de straat woonden want eerlijk gezegd vond ik het gesprek al veel te lang
duren. Ik denk niet dat ik hem op een feestje zou uitnodigen… Gelukkig is hij
er niet zo bloody vaak. En staat de radio ook altijd zo hard dat een
fatsoenlijk gesprek voeren sowieso al vrij lastig is.
Tot nu toe heb ik iedere werkdag minimaal elk uur een Justin Bieber plaat voorbij horen komen (wist u trouwens dat die dansmeisjes uit de ‘Sorry’ clip uit Nieuw-Zeeland komen en de beste dance crew ter wereld zijn? Nee? Pik je toch maar even mee!) en heet één van de gerbera soorten die ik moet plukken ook nog eens ‘Bieber’ (de bloemen krijgen hun naam in Nederland, ik heb namens de gehele bevolking al mijn excuses aangeboden voor deze specifieke benoeming) aldus is het spreekwoord ‘Een dag niet geBiebert is een dag niet gewerkt’ ontstaan. Een mooie toevoeging aan het spreekwoordenlijstje dat is gestart door oud-collega I. L. die na mijn mededeling dat ik mijn werk mee naar huis neem kwam met ‘Beter 10 gerbera’s op de vaas dan 10 leerlingen in je huis’.
Tot nu toe heb ik iedere werkdag minimaal elk uur een Justin Bieber plaat voorbij horen komen (wist u trouwens dat die dansmeisjes uit de ‘Sorry’ clip uit Nieuw-Zeeland komen en de beste dance crew ter wereld zijn? Nee? Pik je toch maar even mee!) en heet één van de gerbera soorten die ik moet plukken ook nog eens ‘Bieber’ (de bloemen krijgen hun naam in Nederland, ik heb namens de gehele bevolking al mijn excuses aangeboden voor deze specifieke benoeming) aldus is het spreekwoord ‘Een dag niet geBiebert is een dag niet gewerkt’ ontstaan. Een mooie toevoeging aan het spreekwoordenlijstje dat is gestart door oud-collega I. L. die na mijn mededeling dat ik mijn werk mee naar huis neem kwam met ‘Beter 10 gerbera’s op de vaas dan 10 leerlingen in je huis’.
Amen.
Hey Lekker ding, ik zou inderdaad niet zo snel meer met jou een berg op mountainbike ;) denk niet dat dat goed is voor de relatie :P Maar zo zie je maar weer dat je wel meer kan dan je denkt, soms moet je de dingen gewoon doen :) kus
BeantwoordenVerwijderenWijze woorden, skattiepatattie! Ik zal wat vaker naar je luisteren! ;)
VerwijderenIk mis écht je driekwartbroek op de jaloersmakende uitzichtfoto na je onsterfelijke wandeltocht omhoog! Lekker bezig deerne! Keep up the good work! En voor wat betreft de hond: gewoon side-steppen! Springt 'ie zo mis ;-) X
BeantwoordenVerwijderenIk mag niet meer side-steppen van m'n zorgverzekering! Maar wat niet weet... Zal het eens proberen zo! En ik had de korte broek memo even gemist anders had ik ZEKER m'n driekwartsbroek aangedaan op expeditie! Foto volgt, ooit.
VerwijderenDe Hond... Zag t helemaal voor me en moet er nog om lachen:) klinkt als een fantastisch leven daar schat, geniet ervan, go with the flow:)
BeantwoordenVerwijderenGoede verhalen Lok! ik lees ze soms zelfs vaker dan 1 keer.
BeantwoordenVerwijderenLIEFS.
Méér verhalen, Méér foto's, Méér Méér Méér!! Mn buik/lachspieren zijn weer getraind vanochtend. (mooi, kunnen we de hardloopsessie weer skippen van vandaag.)
BeantwoordenVerwijderenGoede verhalen Lok:D